Memorabel

Door vrijdag, oktober 17, 2014 0

A

l een dag na de keizersnee begon ik een dagboek bij te houden over Ferran. Alles wilde ik daarin vastleggen, van ‘droge’ feiten (wanneer kan hij zitten, rollen, lopen) tot zijn gemoedstoestanden. Ook wilde ik uitgebreid beschrijven wat we allemaal zouden doen samen. Tijdens mijn zwangerschap had ik maar liefst vijf dagboeken gekocht. Blijkbaar had ik er toen nog zin in. Des te teleurstellender om te zien dat het alweer vier maanden geleden is dat ik iets heb geschreven. Mijn laatste woorden waren: “Ik ben zo moe.” Ferrans ontwikkeling stopt in het dagboek bij “iets wat lijkt op kruipen”. Zonde, want er is intussen veel veranderd. Ferran kan al staan. Of, zoals ik het optimistisch noem: hij kan al bijna lopen. Vandaag neem ik me voor weer te gaan schrijven. We gaan naar de dierentuin. Ons laatste bezoek aan Artis was niet zo memorabel. Het was koud en Ferran lag alleen maar te slapen in zijn kinderwagen. Stond ik daar met mijn overtollige zwangerschapskilo’s, trillend in de kou zielig naar de gorilla’s te staren. Deze keer zal het bezoek aan de dierentuin wel een succes worden; Ferran is gek op zijn speelgoed met dierengeluiden. Bovenal schijnt vandaag de zon.

We zijn nog geen twintig minuten in de dierentuin of het begint te regenen. Ik heb het regenscherm voor de kinderwagen thuis gelaten. We moeten schuilen. Maar waar? Lichtelijk in paniek vouw ik in de stortregen mijn plattegrond uit. Klein probleem is dat ik absoluut niet kan kaartlezen. Dan maar een groep Chinese toeristen achterna rennen. Die hebben waarschijnlijk zelfs een kompas bij zich. Ferran gilt het uit van plezier. Drijfnat stormen we een overvol café binnen. “Ach gut, de arme schat”, zegt een vrouw over Ferran. “Trek hem maar snel iets droogs aan, anders vat hij kou.” Hallo zeg, denk ik, ziet het eruit alsof ik een koffer bij me heb?! Een schone luier heb ik voor hem in mijn tas, meer niet. Ferran lijkt er bovendien geen last van te hebben. Terwijl ik een puntzak friet bestel, probeert hij vrolijk contact te maken met een jongetje van een jaar of vijf. “Jij bent stom”, roept de jongen boos terug. Pardon? Een nanoseconde hoor ik mezelf denken dat ik mijn frustratie niet moet afreageren op een kind, maar mijn Turkse temperament wint het van mijn gezond verstand. Ik verhef mijn stem: “Doe even normaal, zeg.” Nog voordat ik kan zeggen dat hij zelf stom is, komt zijn moeder ertussen. “Nou nou, mevrouw. Hij is ook nog maar klein.” “Ja, en heel brutaal!”

Een uur later sta ik met Ferran voor de olifanten. “Kijk, lieverd, die is heel groot.” Ferran tuurt naar het hek. Of naar iets erop. “Nee, Ferran, daar. Kijk, olifant!” Ineens schiet zijn hand uit naar het hek, hij drukt zijn vingertje op iets wat lijkt op een mier en stopt het snel in zijn mond. Thuis schrijf ik in Ferrans dagboek: ‘Vandaag onder andere vijf frietjes gegeten. En een mier.

PS: voortaan altijd extra schone kleren mee in de babytas.’

Nog geen reacties.

Reageren?

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *